Pagina opties

Groter

Gemeenteblad 2015, nr. 5 29-04-2015 Beleidsregels individuele inkomenstoeslag

Burgemeester en wethouders van de gemeente Bergeijk ;

gelet op artikel 36 van de Participatiewet;

overwegende dat per 1 januari 2015 de Participatiewet in werking treedt;

besluiten vast te stellen:

Beleidsregels individuele inkomenstoeslag

Artikel 1 Geen uitzicht op inkomensverbetering

Belanghebbende heeft geen uitzicht op inkomensverbetering indien in de periode van twaalf maanden na de peildatum naar verwachting geen algemeen geaccepteerde arbeid zal worden aangeboden of verworven met een hoger loon dan de toepasselijke bijstandsnorm.

Artikel 2 Inspanningen, krachten en bekwaamheden

Bij de beoordeling van het criterium 'geen uitzicht op inkomensverbetering' moet het college rekening houden met de omstandigheden van de persoon. In artikel 36, tweede lid, van de Participatiewet is bepaald dat tot die omstandigheden in ieder geval worden gerekend:

  • de krachten en bekwaamheden van de persoon, en
  • de inspanningen die de persoon heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen.

Geen toeslag als bedoeld in artikel 36 wordt verstrekt als belanghebbende gedurende referteperiode geen of onvoldoende inspanningen heeft verricht.

Artikel 3 Geen recht op individuele inkomenstoeslag

Geen recht op individuele inkomenstoeslag heeft:

a. de belanghebbende die twaalf maanden voorafgaand aan de peildatum, een maatregel heeft gekregen in verband met het geen of onvoldoende medewerking verlenen aan re-integratie en re-integratieactiviteiten of een maatregel heeft gekregen in verband met het verkrijgen en behouden van algemeen geaccepteerde arbeid.
b. de belanghebbende die gedurende de referteperiode uit 's Rijks kas bekostigd onderwijs volgt of heeft gevolgd.

Artikel 4 Referteperiode

De referteperiode, zoals genoemd in artikel 2 sub c van de Verordening Participatiewet 2015, begint pas te lopen op het moment dat belanghebbende zijn verblijfadres heeft in Nederland.

Artikel 5 Hardheidsclausule

Indien onverkorte toepassing van de beleidsregels leidt tot situaties die onredelijk en onbillijk zijn, kan hiervan worden afgeweken.

Artikel 6 Inwerkingtreding en intrekking beleidsregels langdurigheidstoeslag

Deze beleidsregels treden met terugwerkende kracht in werking vanaf 1 januari 2015.

De beleidsregels Langdurigheidstoeslag worden hiermee ingetrokken.

Artikel 7 Citeertitel

Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als “Beleidsregels individuele inkomenstoeslag”

Aldus besloten in de vergadering van 14 april 2015

Burgemeester en wethouders van  Bergeijk,

de secretaris,                                                   de burgemeester,

W.A.C.M. Wouters                                           H.G.M. van de Vondervoort
 

Toelichting op beleidsregels individuele inkomenstoeslag

Artikel 1

Werkklanten en bemiddelbare klanten worden geacht binnen twaalf maanden algemeen geaccepteerde arbeid te verwerven.

Artikel 2

Krachten en bekwaamheden van de persoon
De krachten van een persoon geven aan wat de belastbaarheid is van een persoon, zowel fysiek als psychisch. Bij  bekwaamheden gaat het om welke kennis en vaardigheden een persoon heeft.

Inspanningen die de persoon heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen

Bij de beoordeling of een belanghebbende voldoende inspanningen heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen, wordt bekeken wat de krachten en bekwaamheden van de belanghebbende zijn als hij op de peildatum geen inkomsten uit arbeid heeft.

Bij een belanghebbende die op de peildatum een deeltijdbaan heeft, wordt nagegaan of er vastgestelde belemmeringen zijn om meer uren te gaan werken, waarbij aangesloten wordt bij de krachten en bekwaamheden van een persoon.

Artikel 3 sub a

Als een belanghebbende niet wil werken of niet (meer uren) wil werken, bestaat geen recht op individuele inkomenstoeslag. Belanghebbende wordt geacht voldoende mee te werken aan re-integratieverplichtingen, zoals genoemd in artikel 18 Participatiewet en de Verordening Participatiewet.

Onder deze verplichtingen moet in ieder geval worden verstaan het voldoen aan de geüniformeerde arbeidsverplichtingen en het verschijnen op een gesprek in verband met re-integratie.

De gevolgen die er zijn als belanghebbende zicht heeft op inkomensverbetering, maar niet wil werken of niet meer uren wil werken, kunnen niet worden afgewenteld op de gemeente. Het is in beginsel aan een belanghebbende om aan te tonen dat hij niet in staat is om (meer uren) te gaan werken.

Artikel 3 sub b

Van studenten kan in het algemeen worden gesteld dat zij een (goed) perspectief hebben op inkomensverbetering. Een recht op de toeslag zou derhalve niet overeen komen met de aard en doelstelling ervan.

Artikel 4

Artikel 4 van deze beleidsregels sluit aan bij artikel 11 Participatiewet. Op basis van dit artikel hebben alleen Nederlanders die in Nederland verblijven recht op bijstand. Vreemdelingen die rechtmatig in Nederland wonen en die voldoen aan de gestelde voorwaarden in artikel 11 lid 2 en 3 PW kunnen aanspraak maken op een individuele inkomenstoeslag.

Artikel 5

Dit artikel behoeft geen toelichting

Artikel 6

De individuele inkomenstoeslag vervangt de langdurigheidstoeslag. De beleidsregels langdurigheidstoeslag worden ingetrokken.

Artikel 7

Dit artikel behoeft geen toelichting