Coalitieakkoord "Samen vooruit met vertrouwen in onze dorpen" CDA & PRO, 2026-2030
Met het coalitieakkoord 2026-2030 kiezen CDA Bergeijk en PRO Bergeijk samen voor een duidelijke koers voor de toekomst van onze zes dorpen. We bouwen aan een gemeente die sociaal sterk, duurzaam, leefbaar en toekomstbestendig is. Dat vraagt om een bestuursstijl die richting geeft, keuzes durft te maken en tegelijk realistisch en uitvoerbaar blijft.
Voor een leefbare en toekomstbestendige gemeente
Bergeijk ontwikkelt zich binnen een snelgroeiende regio. Die ontwikkeling biedt kansen, maar vraagt ook om zorgvuldige keuzes. We investeren in woningen, voorzieningen, bereikbaarheid, duurzaamheid, economie en een sterke sociale basis. Daarbij zoeken we actief de samenwerking met inwoners, ondernemers, verenigingen, maatschappelijke partners en regionale overheden. We willen groei mogelijk maken zonder het dorpse karakter, de leefkwaliteit en de kracht van onze gemeenschappen uit het oog te verliezen. Brede welvaart is daarbij richtinggevend: het gaat niet alleen om economische groei, maar ook om gezondheid, bestaanszekerheid, natuur, sociale samenhang en kansen voor toekomstige generaties.
De wereld om ons heen verandert snel. Onze maatschappelijke opgaven vragen om een weerbare samenleving en een gemeente die kan bijsturen wanneer omstandigheden veranderen. Dit doen we samen met de gemeenteraad en open en transparant naar onze inwoners. Met name netcongestie is een belangrijke bepalende factor voor de uitvoerbaarheid van onze ruimtelijke en maatschappelijke ambities. Een tekort aan beschikbare netcapaciteit kan ertoe leiden dat plannen voor woningbouw, bedrijvigheid, verduurzaming en voorzieningen vertraging oplopen, moeten worden aangepast of gefaseerd uitgevoerd.
CDA Bergeijk & PRO Bergeijk
1. Woningbouw: betaalbaar en toekomstbestendig
Bergeijk staat voor een urgente woonopgave. Dit vraagt om richtinggevende keuzes, actieve regie en een samenhangende aanpak. We zien wonen als een integrale opgave in relatie tot voorzieningen, leefbaarheid, mobiliteit en duurzaamheid. We bouwen niet alleen huizen, maar wijken waar mensen zich thuis voelen.
We bouwen in alle dorpen, passend bij schaal, identiteit en draagkracht van het dorp. Onze ambitie is helder: een gemeente waarin iedereen passend kan wonen, met oog voor betaalbaarheid, kwaliteit en de kracht van onze dorpen. Daarbij zoeken we continu de balans tussen sturing, flexibiliteit en maatwerk en tussen groei en behoud van het dorpse karakter.
1.1 Ambitie en programmering
Een belangrijke ambitie is het realiseren van gemengde wijken. Dit doen we met een bewuste mix van huur- en koopwoningen en een diversiteit aan woningtypen. Daarbij denken we aan gestapelde en compacte bouwvormen, evenals modulaire en innovatieve bouwconcepten.
Wat gaan we doen?
- We houden vast aan de ambitie om jaarlijks gemiddeld 200 woningen te realiseren. Dit is noodzakelijk om in de groeiende vraag te voorzien. Zodat jongeren in de gemeente kunnen blijven, ouderen kunnen doorstromen en voorzieningen overeind blijven. Daarnaast houden we rekening met de opgave vanuit de schaalsprong.
- We hanteren een helder uitgangspunt voor de totale woningbouwprogrammering: minimaal 30% sociale huur en minimaal 37% sociale / betaalbare koopwoningen. Deze norm draagt bij aan een toegankelijke en inclusieve woningmarkt.
- Er is ruimte voor gemotiveerd maatwerk, met name bij kleinere locaties of specifieke omstandigheden. Dit is alleen mogelijk op basis van een zorgvuldige afweging en wordt gecompenseerd via het vereveningsfonds. Daarmee blijft het totaalpercentage voor betaalbare woningen op gemeentelijk niveau geborgd. We evalueren de werking van het vereveningsfonds en stellen zo nodig bij.
- We geven we ruimte aan microwoningen en kleinere, betaalbare woningen, voor doelgroepen zoals starters- en senioren passend aangevuld met gedeelde voorzieningen. Deze inzet sluit aan bij de veranderende woonbehoefte, draagt bij aan doorstroming en versterkt de sociale samenhang binnen onze dorpen.
1.2 Lokale initiatieven, woonvormen en doelgroepen
Collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO), wooncoöperaties, lokale woon(zorg)initiatieven leveren een belangrijke bijdrage aan een divers en passend woningaanbod.
Wat gaan we doen?
- Initiatieven vanuit de samenleving krijgen ruimte. We richten ons op het wegnemen van belemmeringen en het faciliteren van realisatie.
- We stimuleren collectieve en kleinschalige woonvormen, zoals hofjes, woongroepen en woon-zorgclusters voor kwetsbare doelgroepen. Deze dragen bij aan sociale samenhang en gemeenschapsvorming. We zetten ook in op levensloopbestendige woningen, zodat ouderen langer zelfstandig kunnen blijven wonen.
- De regelingen ‘Beter benutten bestaande woningvoorraad’ en ‘Wonen in het landelijk gebied’ brengen we extra onder de aandacht.
- Met woningcorporaties en ontwikkelaars onderzoeken we mogelijkheden om afspraken te maken voor voorrang aan jongeren en inwoners met een economische, maatschappelijke of lokale binding.
- We onderzoeken of verschillende vormen van (flex)woningen kunnen worden ingezet als tijdelijke oplossing voor urgente doelgroepen.
1.3 Grondbeleid
Er is een grote ruimtelijke opgave vanuit alle domeinen. We gaan als goed rentmeester bewust en behoudend om met gronden.
Wat gaan we doen?
- We voeren een strategisch grondbeheer en een actieve grondpolitiek. Daarbij wordt grondbeleid ingezet als middel om strategische en maatschappelijke doelen te realiseren.
- Per locatie maken we een bewuste en situationele keuze. Daarbij maken we gericht gebruik van beschikbare instrumenten, zoals het voorkeursrecht.
- Een negatieve gemeentelijke grondexploitatie is gerechtvaardigd wanneer deze nodig is om de maatschappelijke woningbouwopgave van woningbouwcorporaties mogelijk te maken.
- Voor de realisatie van sociale woningbouw geven we een korting op de grondprijs.
- Bij gronduitgifte houden we nadrukkelijk rekening met de positie van woningcorporaties.
1.4 Duurzaamheid en toekomstbestendigheid
Duurzaamheid en klimaatbestendigheid zijn vaste onderdelen van woningbouw. Tegelijk willen we bestaande woningen verduurzamen en bestaande locaties beter benutten.
Wat gaan we doen?
- Via het BeEnergy-programma hebben we aandacht voor verduurzaming van bestaande woningen.
- We stimuleren houtbouw, biobased en circulair bouwen bij nieuwbouw.
- Binnen de woningbouwopgave kijken we waar mogelijk naar binnenstedelijke vernieuwing en herontwikkeling.
- Initiatieven zoals kleinere woonvormen of microwoningen op erven aan de rand van dorpen of in het buitengebied versterken het beeld van het authentieke landschap. Dit ondersteunen we.
1.5 Samenhang met de leefomgeving
Met name bij uitbreidingslocaties worden alle relevante thema’s volwaardig en gelijktijdig meegenomen als randvoorwaarde voor gebiedsontwikkeling. Zo realiseren we toekomstbestendige en leefbare woonomgevingen. Het gaat daarbij om een samenhangende aanpak van voorzieningen, mobiliteit, parkeren, energie, netcapaciteit en de inrichting van de openbare ruimte met aandacht voor groen, biodiversiteit, ontmoeting en klimaatadaptatie.
Wat gaan we doen?
- We hanteren bij woningbouw een integrale benadering vanaf de start.
- Bij de ontwikkeling van Enderakkers in Bergeijk-Noord stellen we een integrale gebiedsvisie op voor maximaal 1.000 woningen, inclusief de sociaal-maatschappelijke gevolgen.
2. Leefbare dorpen: Sterke gemeenschap, sterke voorzieningen
Sterke dorpen vragen om sterke basisvoorzieningen. Gemeenschapshuizen, sporthallen, scholen, culturele voorzieningen en de openbare ruimte spelen een belangrijke rol in ontmoeting, sociale cohesie en de ondersteuning van inwoners. Gebouwen met een publieke functie zijn daarbij meer dan alleen ruimtes: het zijn dé lokale ontmoetingsplekken waar mensen samenkomen en elkaar versterken. Door functies beter te verbinden, stimuleren we multifunctioneel gebruik en zorgen we dat voorzieningen toegankelijk, betaalbaar en toekomstbestendig blijven. We betrekken inwoners vroegtijdig bij projecten en (her)inrichting of beleid. Ook evenementen, verenigingen en initiatieven van inwoners zijn onmisbaar voor een levendige gemeenschap en blijven we actief ondersteunen.
Dat geldt eveneens voor het behoud en beleefbaar maken van cultureel erfgoed, zoals monumenten, beeldbepalende gebouwen, cultuurhistorie en kunst in de openbare ruimte. Zo versterken we de dorpsidentiteit en verblijfswaarde, en dragen we bij aan een inclusieve, toegankelijke leefomgeving waarin ontmoeting, cultuur en welzijn voor iedereen centraal staan.
2.1 Sterke voorzieningen in onze dorpen
Sterke voorzieningen zorgen ervoor dat inwoners elkaar kunnen ontmoeten, zich kunnen ontwikkelen en zich verbonden voelen met hun omgeving. Deze voorzieningen zijn dichtbij, toegankelijk en passend bij wat er in de dorpen nodig is. Dat geldt eveneens voor het behoud en beleefbaar maken van cultureel erfgoed, zoals monumenten, beeldbepalende gebouwen, cultuurhistorie en kunst in de openbare ruimte. Zo versterken we de dorpsidentiteit en verblijfswaarde, en dragen we bij aan een inclusieve, toegankelijke leefomgeving waarin ontmoeting, cultuur en welzijn voor iedereen centraal staan.
Wat gaan we doen?
- Alle dorpen hebben een basisschool.
- We realiseren de projecten uit het Integraal Huisvestingsplan Kindontwikkeling 0-13 jaar, zoals het Kindcentrum-Oost, basisschool De Regenboog, uitbreiding basisschool De Waterloop en starten met de planvorming voor basisschool St. Willibrordus en MFA Riethoven.
- We hebben in elk dorp een gemeenschapshuis. We stellen hiervoor een integraal huisvestingsplan op. Daarbij kijken we naar het huidige en toekomstige gebruik, de rol in de gemeenschap en kansen voor multifunctioneel ruimtegebruik en kansen voor kruisbestuiving.
- Elk dorp heeft eigen sportaccommodaties. We ondersteunen de basissporten in elk dorp met ruimte voor maatwerk.
- We stellen een integraal huisvestingsplan (IHP) op voor onze sportvoorzieningen. We staan open voor nieuwe sporten, zeker bij investeringen in nieuwe en bestaande accommodaties.
2.2 Ontmoeten en bewegen in de openbare ruimte
De openbare ruimte is de plek waar mensen elkaar tegenkomen, bewegen en buiten zijn. Door deze ruimte aantrekkelijk, groen, sociaal en fysiek veilig en uitnodigend in te richten, maken we het makkelijker om elkaar te ontmoeten en gezond te leven, nu en in de toekomst.
Wat gaan we doen?
- De openbare ruimte is aantrekkelijk ingericht met groenvoorzieningen, speeltuintjes en nodigt uit tot bewegen, zodat we een aantrekkelijke sociale infrastructuur aanleggen. Met meer schaduwplekken vergroten we de kwaliteit van de verblijfsruimte en nodigen uit tot ontmoeting.
- We blijven ook investeren in stimulering, bijvoorbeeld via de sportcoaches en Kempen in beweging.
- We stimuleren ontmoeting, beweging en sporten voor jongeren en (jong)volwassenen in de openbare ruimte door middel van urban sports in onze dorpen.
- Buitenruimte bij gemeentelijke accommodaties is aantrekkelijk, toegankelijk en nodigt uit tot ontmoeting.
2.3 Kunst en cultuur
Kunst en cultuur dragen bij aan een betere kwaliteit van leven. Ze spelen een belangrijke rol bij de sociale cohesie, mentale gezondheid en de leefbaarheid van onze wijken en dorpen.
Wat gaan we doen?
- Kunst en cultuur worden zichtbaarder gemaakt in de openbare ruimte en bestaande culturele dragers zoals gemeenschapshuizen, bibliotheekfuncties en lokale organisaties worden sterker gepositioneerd.
- We maken bij inrichting van de openbare ruimte gebruik van (social en innovatief) design. Door middel van creatieve invullingen ontstaat een meer uitnodigende inrichting.
- We stimuleren meer beleving in onze dorpen door cultuur en recreatie met elkaar te verbinden.
- We staan open voor nieuwe initiatieven rondom kunst, cultuur, beleving en erfgoed in het groen. De cultuurcoach ondersteunt nieuwe initiatieven rondom kunst- en cultuurprojecten die bijdragen aan positieve gezondheid en de sociale samenhang bij verschillende doelgroepen.
- We hebben bijzondere aandacht voor de locatie van de muziekschool, het jeugd- en jongerenwerk, de Heemkundekring en cultuureducatie zoals BKV.
2.4 Voor en door inwoners
Onze dorpen zijn sterk dankzij de inzet en betrokkenheid van inwoners. Veel ideeën en initiatieven komen uit de samenleving zelf. We geven daar ruimte aan en zorgen dat mensen kunnen meedenken en meedoen.
Wat gaan we doen?
- Initiatieven, meedenken en participatie van inwoners krijgt vorm in een nieuwe participatieverordening. Daarin geven we vorm aan zeggenschap over de eigen buurt en de positie van de dorpsraden. We sluiten aan bij de behoeften in de dorpen met maatwerk.
- Bij het onderhoud van accommodaties blijven we zelfwerkzaamheid van verenigingen stimuleren (TUOB).
- We evalueren het subsidiebeleid met als doel het ondersteunen van verenigingen, ontmoeten, kunst en cultuur en daarmee het versterken van onze gemeenschappen.
- We gaan met dorps- en/of buurtbudgetten werken zodat we aan kunnen sluiten bij bewonersinitiatieven waardoor we deze sneller mogelijk kunnen maken zonder versnippering in beleid of uitvoering.
- Locaties voor carnavalswagenbouwers zijn cruciaal voor de Bergeijkse cultuur. We onderzoeken hoe we dit kunnen faciliteren.
- We zetten ons actief in voor behoud van kermissen en wielerrondes en andere evenementen in onze dorpen.
- We erkennen de historische en culturele waarde van onze kerken en willen voorkomen dat deze voor het dorp verloren gaan. Daarom verkennen we, in overleg met de parochie, kansen voor een maatschappelijke (her)bestemming die aansluit bij de behoeften van inwoners en de lokale gemeenschap.
3. Zorg en bestaanszekerheid: dichtbij vanuit vertrouwen
Zorg, bestaanszekerheid en inclusie raken direct de waardigheid en het dagelijks leven van inwoners. In Bergeijk is een gemeenschap waar mensen naar elkaar omzien, waar ondersteuning dichtbij is. Niemand mag buiten de boot vallen door omstandigheden waarop men zelf weinig invloed heeft. We zien dat sociale en economische ongelijkheid leidt tot gezondheidsachterstanden en kiezen daarom voor een preventieve aanpak waarin zorg, welzijn en bestaanszekerheid samenkomen. Bij mensen met een hulpvraag kijken we integraal naar zorg, welzijn, wonen en leefbaarheid, zodat ondersteuning samenhangend en effectief is. Tijdige ondersteuning en toegankelijke voorzieningen helpen mensen om zelf regie te houden en zwaardere problemen te voorkomen. We kiezen voor een eerlijk en sociaal beleid, waarin de gemeente naast inwoners staat en ondersteuning biedt waar draagkracht tekortschiet. We doen dit vanuit vertrouwen in mensen en gemeenschappen, met oog voor wat lokaal werkt en uitvoerbaar is. De mens en de hulpvraag staan centraal, niet het systeem. Het gaat daarbij niet enkel om de inwoners die zorg en ondersteuning nodig heeft, we doen dit ook met extra aandacht voor de mantelzorgers.
3.1 Bestaanszekerheid als fundament
Een zeker bestaan is de basis om verantwoordelijkheid te kunnen nemen en om mee te doen in de samenleving. Wie het financieel redt, heeft minder ondersteuning nodig; wie onvoldoende draagkracht heeft, moet kunnen rekenen op de gemeente. In Bergeijk mag de financiële situatie van ouders geen belemmering zijn voor de ontwikkeling en deelname van kinderen.
Wat gaan we doen?
- We verruimen de volgende regelingen voor huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum om daarmee ook de werkende armen te bereiken:
- de collectieve ziektekostenverzekering voor verzekering van toegankelijke en betaalbare zorg;
- de participatieregeling 18+ om sociaal-maatschappelijk mee te kunnen doen aan bijvoorbeeld sport, cultuur of recreatie.
- De individuele inkomsttoeslag voor versterking van financiële bestaanszekerheid van huishoudens met langdurig laag inkomen.
- Ook onderzoeken we de mogelijkheid voor een toegankelijke witgoedactie voor huishoudens met een laag inkomen, zodat zij kunnen beschikken over essentiële apparaten.
- Voor inwoners die nu moeilijk aan passend werk komen, zetten we de basisbaan in als instrument om mee te doen, structuur op te bouwen en van betekenis te zijn voor de gemeenschap.
- Met het vroegtijdig signaleren van schulden en financiële problemen voorkomen we escalatie, zoals problematische schulden en huisuitzettingen. We maken afspraken met woningcorporaties over hulpverlening aan huurders om huisuitzettingen te voorkomen.
- We evalueren met Stichting Leergeld het aanbod en de ondersteuningsmogelijkheden voor kinderen en jongeren. Zodat ook kinderen uit gezinnen met een laag inkomen kunnen meedoen aan onderwijs, sport, cultuur en sociale activiteiten.
3.2 Zorg en gezondheid: toegankelijk voor iedereen
We werken aan een Bergeijk waarin gezondheidszorg voor iedereen toegankelijk is, mensen kunnen meedoen naar vermogen en ondersteuning aansluit bij wat inwoners nodig hebben. Zorg en ondersteuning moeten toegankelijk en overzichtelijk zijn. Inwoners mogen niet verdwalen tussen loketten en instanties. Bij hulpvragen kijken we integraal naar wat nodig is, met aandacht voor zorg, leefbaarheid en veiligheid in samenhang.
Wat gaan we doen?
- Professionals krijgen ruimte voor vakmanschap en maatwerk, binnen duidelijke kaders van uitvoerbaarheid en rechtsgelijkheid. We kiezen voor minder versnippering en meer samenwerking tussen zorg, welzijn, wonen en veiligheid.
- We werken aan een eenvoudige, eenduidige en integrale toegang van het sociaal domein voor alle inwoners. Via één aanspreekpunt hebben zij snel toegang tot hulp van professionals of het voorliggend veld. We starten met twee pilots om te leren vanuit praktijkervaringen. Dit doen we met de dorpsondersteuners en maatschappelijke partners.
- Met het oog op de komende wettelijke invoering van een inkomensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo houden we bij de uitvoering nadrukkelijk rekening met de draagkracht van inwoners, zodat noodzakelijke ondersteuning bereikbaar blijft voor mensen met een lager inkomen.
- We zetten samen met maatschappelijke partners gericht in op begrijpelijke communicatie en versterken van basisvaardigheden (taal, rekenen, digitale vaardigheden).
3.3 Sterke buurten en gemeenschapskracht
Goede zorg staat niet los van leefbaarheid. Sterke buurten, informele netwerken, verenigingen en vrijwilligers zijn van grote waarde. We bouwen voort op de kracht van dorpen, buurten en verenigingen. Waar nodig neemt de gemeente verantwoordelijkheid, waar mogelijk faciliteren we de samenleving.
Wat gaan we doen?
- We nemen deel aan innovatieve pilots als ‘de buurt als ecosysteem’,.
- We blijven investeren in dorpsondersteuners, zij vervullen een belangrijke rol in het versterken van sociale samenhang binnen de dorpen. Zij zijn zichtbaar en toegankelijk en dragen bij aan sociale interactie en een sterke, betrokken gemeenschap.
3.4 Iedereen doet mee
In Bergeijk doet iedereen mee, ongeacht leeftijd, beperking, achtergrond of inkomen. We willen gelijke kansen voor iedereen. Inclusie is geen los thema, maar een basisprincipe bij beleid en uitvoering. De samenleving digitaliseert en individualiseert in toenemende mate. Voor mensen met dementie, verward en/of onbegrepen gedrag en voor mensen met een psychische kwetsbaarheid kan dit leiden tot een verwarrende en soms overweldigende leefomgeving. Het is daarom van belang dat de omgeving hierop is ingericht en dat er kennis en begrip aanwezig zijn.
Wat gaan we doen?
- Onze dorpsondersteuners en ouderencoaches blijven de gemeenschap ondersteunen.
- We zetten in op een dementievriendelijk Bergeijk, waarin ook oog is voor bredere kwetsbare doelgroepen. We werken aan bewustwording, herkenning en een toegankelijke leefomgeving, zodat inwoners zo lang mogelijk op een passende en veilige manier kunnen deelnemen aan de samenleving.
- Onze inzet op inclusie komt verder concreet terug bij de volgende thema’s:
- toegankelijke openbare ruimte en voorzieningen;
- gebruiksvriendelijke (digitale) loketten;
- begrijpelijke communicatie;
- ruimte voor inspraak en betrokkenheid.
3.5 Jongeren
Jongeren bevinden zich in een belangrijke ontwikkelfase waarin zij hun identiteit vormen en behoefte hebben aan een veilige, vertrouwde omgeving. Niet iedere jongere vindt deze basis vanzelfsprekend thuis of binnen een vereniging. Daarom blijven we investeren in een sterke sociale basis waarin jongeren elkaar kunnen ontmoeten, zich kunnen ontwikkelen en zich gezien voelen.
Wat gaan we doen?
- We versterken het jeugd- en jongerenwerk als belangrijke schakel in preventie en ondersteuning.
- We investeren in een toegankelijke en veilige ontmoetingsplekken voor jongeren (12-18 jaar).
- We stimuleren lokale initiatieven waarin jongeren zich kunnen ontwikkelen, participeren en positief worden gestimuleerd.
- We zetten in op vroegtijdige signalering en ondersteuning om problemen te voorkomen en kansen te vergroten. We sluiten hierbij aan bij ‘Opgroeien in een Kansrijke Omgeving’ (OKO).
4. Mobiliteit: bereikbaar, verkeersveilig en toegankelijk
Bergeijk staat voor de opgave om bereikbaar, veilig en toegankelijk te blijven in een tijd waarin mobiliteit verandert. De druk op infrastructuur neemt toe, het gebruik van de fiets groeit en het openbaar vervoer staat onder druk. Ook vragen vergrijzing en de wens om de openbare ruimte voor iedereen bruikbaar te maken om duidelijke keuzes in inrichting en gebruik van de ruimte. We kiezen voor een praktische en samenhangende aanpak, waarin bereikbaarheid, verkeersveiligheid en toegankelijkheid hand in hand gaan. We zetten in op een mobiliteitssysteem dat past bij de schaal van Bergeijk: overzichtelijk, veilig en gericht op de dagelijkse praktijk van inwoners. Fiets, lopen, openbaar vervoer en auto worden niet los van elkaar bekeken, maar in samenhang.
Daarbij staan vier uitgangspunten centraal:
- bereikbaarheid van dorpen en voorzieningen;
- verkeersveiligheid voor alle gebruikers;
- praktische uitvoerbaarheid van maatregelen;
- ambities in balans met de beschikbare middelen, ruimte, uitvoeringskracht en draagvlak.
4.1 Fietsgemeente Bergeijk
De fiets is voor veel inwoners een belangrijk dagelijks vervoermiddel. We zien de fiets als hèt vervoersmiddel voor de korte en middellange afstand. Ook speelt de fiets een belangrijke rol in recreatie en toerisme. We zorgen voor een logisch fietsnetwerk dat zowel functioneel als recreatief gebruik ondersteunt. Hoofdfietsroutes tussen dorpen, scholen, voorzieningen en werklocaties worden hoogwaardig, veilig en comfortabel ingericht. Recreatieve routes sluiten in materiaalgebruik en inrichting aan bij het landschap en het gebruik.
Wat gaan we doen?
- Met het programma ‘Bergeijk Fietst’ brengen we met o.a. fietseducatie, evenementen, werkgeversaanpak en promotie de fiets onder de aandacht als hèt vervoermiddel voor de korte en middellange afstanden.
- We realiseren nieuwe veilige hoofdfietsroutes:
- Walik - Steensel
- Witrijt - Postel
- ’t Hof - Borkel en Schaft
- Westerhoven – de Kempervennen
- We ronden het snelfietspad naar Veldhoven af inclusief een fietstunnel onder de N397.
- We onderhouden en versterken bestaande fietsstructuren.
4.2 Openbaar vervoer en bereikbaarheid
Goed openbaar vervoer is van belang voor de bereikbaarheid van Bergeijk, in het bijzonder voor jongeren, ouderen en inwoners zonder auto. Daarbij hebben we aandacht voor grensoverschrijdende bereikbaarheid, omdat mobiliteit voor inwoners niet ophoudt bij de gemeentegrens.
Wat gaan we doen?
- De invloed van de gemeente is beperkt, in actieve samenwerking met regionale en provinciale partners willen we de volgende verbeteringen realiseren:
- betere verbindingen tussen de dorpen;
- goede aansluiting op omliggende plaatsen, Eersel en de regio;
- bereikbare, toegankelijke en logisch gelegen bushaltes;
- het meenemen van openbaar vervoer bij nieuwe woonwijken en bedrijventerreinen.
4.3 Deelmobiliteit
Deelmobiliteit biedt kansen door het delen van auto’s en fietsen kan de afhankelijkheid van privébezit afnemen en ontstaat meer ruimte in de openbare ruimte voor wonen, groen en ontmoeting. We zien deelmobiliteit als een waardevolle aanvulling op het bestaande mobiliteitssysteem.
Wat gaan we doen?
- We stimuleren het gebruik van deelauto’s en (elektrische) deelfietsen;
- We onderzoeken mogelijke samenwerkingen met marktpartijen en regionale initiatieven om een laagdrempelig, betrouwbaar en passend aanbod te realiseren.
4.4 Verkeersveiligheid en inrichting
Verkeersveiligheid is een basisvoorwaarde binnen het mobiliteitsbeleid en wordt bij de inrichting van wegen en openbare ruimte integraal meegenomen. Daarbij wordt ingezet op veilige, logische routes en een hoogwaardige verblijfsruimte, met bijzondere aandacht voor plekken waar verkeer en verblijf samenkomen.
Wat gaan we doen?
- De kruising ’t Hof – Eerselsedijk wordt veiliger en overzichtelijker ingericht.
- Ongewenst doorgaand verkeer wordt zoveel mogelijk beperkt, met name in woongebieden en dorpscentra.
- We zetten in op autoluwe dorpscentra met prioriteit voor verblijfskwaliteit en langzaam verkeer.
- We richten drukke verblijfsgebieden zoals ’t Hof in met aandacht voor veiligheid en leefkwaliteit.
4.5 Parkeren en ruimtegebruik
Parkeren blijft een belangrijk aandachtspunt binnen ruimtelijke ontwikkelingen, terwijl de beschikbare ruimte in de dorpen steeds schaarser wordt. We kiezen voor een toekomstgerichte en gebiedsgerichte benadering, waarbij behalve de auto, ook de kwaliteit van de leefomgeving en het algemeen belang centraal staan.
Wat gaan we doen?
- We passen parkeernormen gebiedsgericht en met maatwerk toe. Met oog voor leef kwaliteit én verkeersveiligheid.
- Een ruimere toepassing van parkeernormen, met ruimte voor maatwerk en gebiedsgerichte afweging.
- Een bewuste prioriteit voor leefkwaliteit, groen en verblijfsruimte boven het faciliteren van de auto.
- We geven waar mogelijk ruimte aan groen, verblijfskwaliteit, lopen, fietsen en duurzame mobiliteit.
- Bij herinrichtingsprojecten maken we ruimte voor elektrische laadplekken met oog voor behoefte en een goede inpassing in de openbare ruimte.
4.6 Toegankelijkheid als basis
Toegankelijkheid is geen afzonderlijk thema, maar een randvoorwaarde binnen al het beleid voor de openbare ruimte. Bij ontwerp, beheer en herinrichting wordt structureel rekening gehouden met verschillende gebruikersgroepen, zodat de openbare ruimte voor iedereen fysiek en sociaal veilig, bruikbaar en herkenbaar is. Daarbij gaat het om een inclusieve inrichting die in de praktijk werkt.
Wat gaan we doen?
- Toegankelijkheid wordt structureel geborgd in het proces van ontwerp, beheer en (her)inrichting van de openbare ruimte. We zorgen voor goed begaanbare trottoirs en routes, zonder drempels met specifieke aandacht voor rolstoeltoegankelijkheid en mensen met een visuele of mobiliteitsbeperking.
5. Buitengebied in balans: sterke landbouw, sterke natuur
Het buitengebied van Bergeijk staat de komende jaren voor een stevige opgave. Veranderingen in de landbouw, druk op natuur en biodiversiteit, wateropgaven, gezondheid en ruimtelijke ontwikkelingen vragen om duidelijk keuzes. Tegelijkertijd brengen landelijke en provinciale kaders onzekerheid met zich mee voor agrarische ondernemers en de ontwikkeling van het gebied als geheel. Dit vraagt om een duidelijke koers waarin rust, vertrouwen en toekomstperspectief centraal staan, zowel voor boeren als voor het landschap waarin zij werken. We zien het als onze verantwoordelijkheid om binnen deze dynamiek richting te geven en perspectief te bieden. Agrarische ondernemers zijn de dragers van het landschap en onmisbaar voor de leefbaarheid en economie van Bergeijk.
Tegelijkertijd vraagt de toekomst om een landbouw die in balans is met natuur, bodem en water. We willen ruimte bieden aan ondernemers die willen blijven, hun bedrijf willen voortzetten en aan ondernemers die zich willen ontwikkelen. We willen perspectief creëren voor boeren die willen investeren in een duurzame bedrijfsvoering. We kiezen er bewust voor om aan te sluiten bij landelijke en provinciale kaders en onnodige extra regels te voorkomen, terwijl we wel bijdragen aan natuurversterking, biodiversiteit en een gezonde leefomgeving.
5.1 Gebiedsgerichte samenwerking met perspectief
We zetten in op een gebiedsgerichte aanpak, waarin we samen met agrariërs, provincie, waterschap en andere partners werken aan de opgaven in het buitengebied. Daarbij is gelijkwaardigheid het uitgangspunt, met respect voor de kennis en positie van agrarische ondernemers en de andere gebiedspartners. We werken aan een toekomstbestendig buitengebied, waarin boeren perspectief hebben. We stimuleren landbouwvormen die natuur, bodem en waterkwaliteit versterken. Niet vanuit verplichting, maar door agrariërs die deze stap willen zetten actief te ondersteunen.
Wat gaan we doen?
- We erkennen dat elke bedrijfssituatie anders is en dat de transitie alleen slaagt als deze economisch haalbaar is en past bij het bedrijf en het gebied. Daarom bieden we ruimte voor:
- voortzetting van bestaande bedrijven;
- autonome ontwikkeling binnen geldende kaders;
- maatwerk per bedrijf, passend bij schaal, ligging en omgeving;
- innovatie die bijdraagt aan emissiereductie en bedrijfscontinuïteit;
- stimuleren van natuur-inclusieve en/of biologische landbouw.
5.2 Heldere ontwikkelrichting voor een buitengebied in balans met ruimte voor landbouw en natuur
Agrarische bedrijven vormen de economische en landschappelijke ruggengraat van het buitengebied en zijn onmisbaar voor het beheer van het landschap en de leefbaarheid van Bergeijk. Tegelijkertijd staan we voor de opgave om natuur- en waterkwaliteit te versterken en ruimte te bieden aan herstel van biodiversiteit.
Wat gaan we doen?
- We stellen een ontwikkelrichting op voor het buitengebied waarin we landbouw, natuur, water en ruimtelijke kwaliteit in samenhang bekijken.
- Ontwikkeling van landbouw en natuur vindt plaats met respect voor bestaande agrarische bedrijven én aandacht voor de gevolgen voor de natuur en de uitvoerbaarheid in het gebied.
- We zetten in op het versterken en verbeteren van bestaande natuur en structuren, en leveren waar mogelijk een bijdrage aan het realiseren van nieuwe natuur binnen de bestaande Natuurnetwerk Nederland-opgave (NNN) / Natuurnetwerk Brabant (NNB).
- Uitbreiding van natuur gebeurt alleen waar dit logisch, effectief en haalbaar is.
- Agrariërs krijgen ruimte om vrijwillig bij te dragen aan natuurontwikkeling.
- Waar mogelijk combineren we natuur met agrarisch medegebruik.
- Beekdalen en ecologische verbindingen bieden kansen voor waterberging, biodiversiteit en landschapskwaliteit en worden waar mogelijk versterkt in combinatie met passend agrarisch gebruik.
- Gezondheid, leefomgeving en bestaanszekerheid worden volwaardig meegenomen in ruimtelijke keuzes, in aansluiting op landelijke normen en met oog voor juridische houdbaarheid. We kiezen niet voor beleid dat verder gaat dan hogere overheden om onnodige extra druk op agrarische bedrijven te voorkomen.
- Ecologische afwegingen worden tijdig en zorgvuldig meegenomen in besluitvorming op een manier die transparant, uitvoerbaar en juridisch houdbaar is. We vermijden onnodige bureaucratie en extra druk op agrarische bedrijven.
5.3 Pachtbeleid als ondersteunend instrument
We hebben via gronden, grondposities en pachtbeleid een actieve rol in het buitengebied. We zien pacht- en grondbeleid niet als doel op zich, maar als instrumenten om bij te dragen aan een toekomstbestendig buitengebied. Met aandacht voor toekomstbestendige landbouw, versterking van natuur, water, biodiversiteit en landschappelijke kwaliteit en andere maatschappelijke doelen. Daarbij gaan we zorgvuldig om met de financiële consequenties en met het belang van pachtinkomsten voor de gemeente.
Wat gaan we doen?
- We onderzoeken hoe we pachtgronden in kunnen zetten om een positieve bijdrage te leveren aan de transitie van de landbouw, door ruimte en perspectief te bieden aan natuur-inclusieve en biologische bedrijfsvoering. Daarbij kijken we onder andere naar:
- Mogelijkheden voor langjarige pachtcontracten die boeren zekerheid en investeringskansen bieden;
- Differentiatie in pachtvormen, passend bij verschillende typen bedrijven en ontwikkelrichtingen;
- Het stimuleren van duurzame en toekomstgerichte bedrijfsvoering via passende pachtvoorwaarden, zonder dwingende verplichtingen.
- Duurzaamheid is voor ons breder dan alleen natuur-inclusiviteit: het gaat ook om economische continuïteit, bedrijfszekerheid en uitvoerbaarheid.
5.4 Ruimte voor ondernemerschap
Een sterk buitengebied vraagt om ruimte voor ondernemerschap.
Wat gaan we doen?
- We ondersteunen agrariërs die willen investeren in de toekomst van hun bedrijf, onder andere door:
- Ruimte te bieden voor innovatie en nieuwe technieken;
- Het stimuleren van korte ketens en streekproducten;
- Mogelijkheden voor verbreding, zoals kleinschalige recreatie;
- Extra zekerheid te bieden aan agrariërs die kiezen voor natuur-inclusieve of biologische landbouw.
Grootschalige mestverwerking past niet bij Bergeijk en wordt niet nagestreefd. Grondgebonden organische mestverwerking is wel passend binnen Bergeijk en levert een belangrijke bijdrage aan een vitale bodem.
5.5 Gezondheid en leefomgeving
Gezondheid is een belangrijk aandachtspunt. Een gezonde leefomgeving is een basisvoorwaarde voor prettig wonen, werken en leven in het buitengebied. Schone lucht, schoon water, een gezonde bodem en een aantrekkelijke groene omgeving dragen direct bij aan de gezondheid en het welzijn van inwoners. Bij ruimtelijke ontwikkelingen wegen we de impact op gezondheid en leefomgeving zorgvuldig af, in samenhang met andere belangen zoals natuur, landschap en economie. Daarbij streven we naar transparante afwegingen, duidelijke kaders en juridische houdbaarheid, zodat gekozen oplossingen betrouwbaar en uitvoerbaar zijn.
Wat gaan we doen?
- Door aan te sluiten bij landelijke wet- en regelgeving en erkende normen zetten we in op preventie en het beperken van gezondheidsrisico’s.
- We kiezen voor maatwerk, zodat ruimtelijke keuzes zowel recht doen aan bescherming van de gezondheid als aan een agrarische bedrijfsvoering. In gebiedsprocessen zoeken we naar oplossingen die in balans zijn en bijdragen aan kwaliteit van leven voor omwonenden én ondernemers.
- Gebruik van gewasbeschermingsmiddelen nabij (nieuwe) woningen kan voor onrust zorgen vanwege de impact op de gezondheid. We onderzoeken of aanvullende maatregelen of aanpassing van beleid nodig is, waarbij de belangen van de landbouwsector worden meegewogen.
- We zoeken naar praktische oplossingen die zowel gezondheid als bedrijfsvoering recht doen.
5.6 Leefbaarheid en herbestemming
We zetten in op een vitaal buitengebied waarin wonen, werken en recreatie in balans zijn. Vrijkomende agrarische bebouwing biedt kansen voor nieuwe functies. Herbestemming wordt mogelijk gemaakt, mits:
- deze bijdraagt aan de leefbaarheid;
- past bij de schaal van het gebied;
- de ruimtelijke kwaliteit behouden blijft en natuur wordt gecompenseerd.
Wat gaan we doen?
- We stellen een Ontwikkelrichting op en een herziening van het pachtbeleid waarin onder andere grondpositie, landbouwstructuur, beekdalen en gezondheidseffecten worden meegenomen.
- We werken met scenario’s, zodat de raad bewust keuzes kan maken. Uitvoerbaarheid, betaalbaarheid en draagvlak staan daarbij centraal. In de begroting reserveren we middelen voor beleidsvoorbereiding, gebiedsgerichte uitwerking en waar nodig externe expertise.
6. Energietransitie en duurzaamheid: met gezond verstand
De energietransitie is voor Bergeijk geen vrijblijvende opgave, maar een noodzakelijke ontwikkeling. Tegelijk is de werkelijkheid weerbarstig. Netcongestie, beperkte ruimte en afhankelijkheid van landelijke kaders maken dat niet alles overal en tegelijk kan. Niets doen is echter geen optie. Zonder gerichte keuzes dreigt Bergeijk ‘op slot’ te gaan: nieuwe woningen, uitbreidingen van bedrijven en maatschappelijke voorzieningen kunnen dan niet meer vanzelfsprekend worden aangesloten op het elektriciteitsnet. We kiezen voor een realistische koers, waarin stappen worden gezet die bijdragen aan de energietransitie én aan de ontwikkeling van Bergeijk. Mede gezien de (inter)nationale ontwikkelingen blijven we actief inzetten op het afstappen van fossiele en vervuilende energiebronnen, op de overgang naar duurzame energie en op het verminderen van het energiegebruik. Daarbij zoeken we continu de balans tussen opwek, besparing, gebruik, ruimtelijke kwaliteit en draagvlak.
6.1 Een realistische en uitvoerbare koers
We zetten in op een energietransitie die stap voor stap wordt gerealiseerd, met oog voor haalbaarheid en betaalbaarheid. Niet opgelegd, maar samen met inwoners vormgegeven. Het uitgangspunt is dat beleid uitvoerbaar moet zijn en daadwerkelijk bijdraagt aan oplossingen.
Wat gaan we doen?
- We sturen niet op één jaartal, maar op concrete voortgang.
- Ambities worden vertaald naar haalbare en meetbare deeldoelen.
- We bieden duidelijkheid aan inwoners en ondernemers.
- Participatie is een voorwaarde voor een gedragen energietransitie.
6.2 Netcongestie als bepalende factor
Netcongestie is één van de grootste uitdagingen voor Bergeijk en de regio. De beschikbare capaciteit op het elektriciteitsnet is zeer beperkt en vormt een directe belemmering voor woningbouw, bedrijvigheid en voorzieningen. Als gemeente zijn we niet de partij die dit probleem kan oplossen; we kijken naar bijdragen die binnen onze mogelijkheden liggen.
Wat gaan we doen?
- Inzetten op slimme oplossingen zoals lokale opwek, opslag en afstemming van vraag en aanbod.
- Bedrijven nadrukkelijk betrekken bij mogelijke oplossingen.
- De energiestrategie benutten om hier richting aan te geven.
- We stimuleren energiebesparing bij inwoners.
- Ook bij ondernemers stimuleren we energiebesparing, vooral ook bij grootverbruikers, zoals de industrie.
- De (verdere) mogelijkheden van energiegemeenschappen en energiehubs onderzoeken, waarbinnen energie gunstig wordt herverdeeld.
6.2 Duurzame opwek: zorgvuldig en in balans
Grootschalige opwek is geen doel op zich. We zoeken naar een balans: voldoende opwek om ontwikkeling mogelijk te maken, zonder dat dit ten koste gaat van landbouw, natuur en leefomgeving. Daarnaast willen we dat de omgeving ook altijd meedeelt in de financiële opbrengsten van opwek. Bij mogelijke ontwikkelingen rondom windenergie die op ons afkomen, maken we een weloverwogen keuze op basis van de herziene energiestrategie, participatie, draagvlak en energiebehoefte.
Wat gaan we doen?
- Voor de benodigde energieopwekking kiezen we voor een zorgvuldige en gefaseerde aanpak.
- De zonneladder is leidend: eerst daken en gebouwen, daarna bestaand bebouwd gebied en pas als laatste het buitengebied;
- Natuurgronden en hoogwaardige landbouwgronden worden zoveel mogelijk ontzien;
- Meervoudig ruimtegebruik heeft de voorkeur;
- Duurzame opwek bestaat uit een mix van diverse energiebronnen. Onderzoek moet uitwijzen welke mix op basis van behoefte en ambitie het beste passend is bij Bergeijk.
6.3 Draagvlak en rol van de gemeente
De energietransitie kan alleen slagen met draagvlak in de samenleving. We gaan daarom voor een benadering die inzet op samenwerking en duidelijkheid.
- Inwoners en ondernemers worden tijdig betrokken bij plannen;
- Inwoners en ondernemers worden uitgenodigd voor actieve participatie;
- We nemen regie waar nodig, maar voorkomen overmatige sturing;
- We stimuleren burgerinitiatieven, bedrijven en woningcorporaties om te participeren in energiehubs en energiegemeenschappen.
De energietransitie vraagt ook om samenwerking buiten de gemeentegrenzen. We zoeken actief de samenwerking met andere Kempengemeenten en regionale partners om slagkracht, kennis en kwaliteit te vergroten. Daarnaast houden we oog voor de bredere leefomgeving.
6.4 Verduurzaming
Keuzes in energieopwekking kunnen niet los gezien kunnen worden van de vraag hoe, waar en hoeveel energie ook daadwerkelijk gebruikt kan worden. Verduurzaming van de bestaande woningvoorraad, de warmtetransitie en bewuster omgaan met onze energievoorraad zijn belangrijke aspecten waar we invloed op hebben en die onze inwoners raken.
Wat gaan we doen?
- We maken een gemeentelijk warmteprogramma, waarbij we aangeven hoe en op welk tempo wijken aardgasvrij worden (fasering en prioritering).
- De subsidiemaatregelen vanuit het BeEnergy-programma worden ingezet om de verduurzaming van de bestaande woningvoorraad te bevorderen. Daarbij hebben we nadrukkelijk aandacht voor degene met beperkte financiële middelen.
- Bij verduurzaming van bestaande woningen hebben we extra aandacht voor slecht geïsoleerde koopwoningen van bewoners met een laag of middeninkomen.
- Vanuit een voorbeeldrol naar inwoners verduurzamen we het gemeentelijk vastgoed.
- We bieden ruimte aan nieuwe ontwikkelingen en innovaties.
- Ruimtelijke ontwikkelingen en netcongestie worden gekoppeld.
7. Werk en economie: sterk en breed
We kiezen voor een sterke en toekomstbestendige economie waarin iedereen kan meedoen. Een krachtige lokale economie is essentieel voor de vitaliteit, werkgelegenheid en leefbaarheid van Bergeijk. Tegelijk staan we voor duidelijke opgaven: de ruimte is schaars en de druk op de arbeidsmarkt en infrastructuur neemt toe. Dat vraagt om heldere keuzes en duidelijke prioriteiten. Daarom zetten we in op een brede en toekomstgerichte economische koers, waarin bedrijvigheid, werkgelegenheid en leefbaarheid onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Economische ontwikkeling is daarbij geen doel op zich, maar een middel om bij te dragen aan een sterke en sociale samenleving. Onze economie reikt verder dan de bedrijventerreinen. Ook ondernemers, maatschappelijk ondernemerschap en de verbinding met voorzieningen, recreatie, en sociale samenhang zijn van groot belang. Binnen de grenzen van ruimtegebrek en netcongestie maken we gerichte keuzes en voeren we actieve regie om ontwikkeling mogelijk te maken waar dat kan en nodig is.
7.1 Ambitie en regie
We brengen meer samenhang en richting in ons beleid. Economie, arbeidsmarkt en onderwijs zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Als gemeente vervullen we hierin een verbindende rol.
Wat gaan we doen?
- We werken met één economische uitvoeringslijn, waarin werklocaties, ondernemers in de dorpen, arbeidsmarkt, onderwijs en maatschappelijk ondernemerschap samenkomen. Deze vormt het kompas voor uitvoering in deze bestuursperiode zodat we integrale en goed onderbouwde besluiten kunnen nemen.
7.2 Brede welvaart
Economische groei is geen doel op zich, maar een middel om te werken aan brede welvaart. Dat betekent dat het niet alleen gaat om bedrijven en economische groei, maar om het geheel van sociaal, economisch, menselijk en natuurlijk kapitaal, nu en in de toekomst.
Wat gaan we doen?
- Brede welvaart is een leidend uitgangspunt in ons economisch beleid en in de keuzes die we maken. We gebruiken een monitor om de effecten van ontwikkelingen en groei structureel inzichtelijk maken.
- Bij beleidsvoorstellen en investeringskeuzes wordt expliciet aandacht besteed aan de financiële consequenties, sociale, maatschappelijke en ruimtelijke effecten.
7.3 Werklocaties en ruimte voor ondernemen
Bedrijventerreinen vormen een belangrijke drager van de lokale economie en werkgelegenheid.
Wat gaan we doen?
- We zetten in op het behouden, versterken, vergroenen en toekomstbestendig maken van bestaande bedrijventerreinen, met aandacht voor kwaliteit, duurzaamheid, herstructurering, zorgvuldiger ruimtegebruik en een goede ruimtelijke inpassing.
- We faciliteren de groeiende vraag naar ruimte om te ondernemen binnen de bestaande beleidskaders, onder meer via de doorontwikkeling van Kempisch Bedrijvenpark 2.0 en lokale bedrijventerreinen zoals vastgelegd in Ontwikkelstrategie De Kempen.
- We zoeken bij knelpunten en nieuwe ontwikkelingen steeds naar een goede balans tussen economie en leefbaarheid, met aandacht voor bereikbaarheid, ontsluiting, energievraagstukken, netcongestie en slimme energieoplossingen.
- Daarbij wordt nadrukkelijk rekening gehouden met verschillen in vraag tussen kleine en grotere bedrijven en met locaties waar de druk op de leefomgeving groot is.
- Waar bedrijvigheid knelt in of nabij woonkernen, wordt verplaatsing of herinrichting zorgvuldig verkend, met oog voor ruimtelijke kwaliteit, bereikbaarheid en energievraagstukken.
- Netcongestie en energievoorziening vormen een randvoorwaarde voor economische ontwikkeling. Samen met ondernemers, netbeheerders en regionale partners verkennen we mogelijkheden voor slimme energieoplossingen, zoals gezamenlijk gebruik, opslag en lokale energiehubs, waar dit bijdraagt aan een toekomstbestendig vestigingsklimaat.
7.4 Ondernemen met maatschappelijke waarde
We zetten in op een sterk en toekomstbestendig ondernemersklimaat, met oog voor zowel economische groei als maatschappelijke meerwaarde.
Wat gaan we doen?
- Bij economische afwegingen en mogelijke subsidies wegen we maatschappelijke effecten explicieter mee, zoals werkgelegenheid, duurzaamheid en leefbaarheid.
- Ondernemers ontvangen een herkenbare gemeentelijke benadering. We zorgen voor samenhang in beleid en duidelijke afwegingen, zodat ondernemers weten waar zij aan toe zijn.
7.5 Werk en participatie voor iedereen
Werk en economie zijn onlosmakelijk verbonden met bestaanszekerheid en meedoen. Een sterke lokale economie draagt bij aan kansen op werk voor alle inwoners, óók voor mensen die niet vanzelf meekomen op de arbeidsmarkt.
Wat gaan we doen?
- Voor inwoners die (nog) niet de stap naar betaald werk kunnen zetten, zetten we in op ontwikkeling richting werk via onder meer beschut werk, participatiebanen en passende begeleidingstrajecten. We sluiten daarbij aan op ieders mogelijkheden, talenten en ontwikkelpotentieel.
- Daarnaast ontwikkelen en ondersteunen we de Bergeijkse basisbaan. Dit is een vorm van werk waarbij inwoners waardevol werk verrichten bij bedrijven en werkgevers in de gemeente, met een inkomen waarmee zij kunnen voorzien in hun bestaan.
7.6 Onderwijs en arbeidsmarkttekorten
De tekorten in sectoren als zorg, onderwijs, techniek, bouw, veiligheid en verduurzaming vragen om een gezamenlijke en gerichte arbeidsmarktaanpak. Daarom werken we samen met KempenPlus, werkgevers, werknemersorganisaties, UWV en onderwijsinstellingen aan het beter benutten van talent, het verbinden van vraag en aanbod en het versterken van scholing, omscholing en praktijkgerichte leer-werktrajecten.
Wat gaan we doen?
- We versterken de regionale arbeidsmarktaanpak door onderwijs en arbeidsmarkt beter met elkaar te verbinden, met aandacht voor instroom, scholing en omscholing.
- We stimuleren praktijkgerichte leer-werktrajecten, zodat inwoners sneller en beter kunnen doorstromen naar kansrijke beroepen. Hierbij ligt de nadruk op zorg, onderwijs, techniek, bouw, veiligheid en verduurzaming.
- We onderzoeken de mogelijkheden voor een mbo-dependance in de Kempen, om opleiding en werk dichter bij elkaar te brengen en de regionale arbeidsmarkt te versterken. De wijze waarop onderwijs en arbeidsmarkt structureel met elkaar worden verbonden, vraagt nadere uitwerking. We doen deze verkenning met onderwijsinstellingen en regiopartners.
8. Samenleven, opvang en integratie: met elkaar
Gemeente Bergeijk heeft wettelijke verantwoordelijkheden op het gebied van opvang en huisvesting van mensen die gevlucht zijn voor oorlog en geweld en van statushouders. We nemen deze verantwoordelijkheid serieus en kiezen nadrukkelijk voor een invulling die past bij de schaal, draagkracht en identiteit van onze dorpen. Economische ontwikkelingen van de regio laten zien dat er ook arbeidsmigranten en kenniswerkers zich in Bergeijk vestigen. In de huisvesting en integratie van deze groepen hebben we ook een verantwoordelijkheid. Dit vraagt om een zorgvuldige balans: verantwoordelijkheid nemen waar dat nodig is, zonder de lokale draagkracht en samenhang uit het oog te verliezen. Daarbij gaat het om meer dan alleen huisvesting. Het gaat ook over de vraag hoe mensen op een goede, zorgvuldige en menswaardige manier hun plek kunnen vinden in onze samenleving. Integratie begint niet pas na de opvang, maar vraagt vanaf het begin aandacht.
8.1 Zorgvuldig en in balans
We voeren onze wettelijke taken uit en zijn daar helder over naar onze inwoners. Tegelijk maken we bewuste keuzes in de wijze waarop deze taken lokaal worden ingevuld.
Wat gaan we doen?
- Onze inzet is gericht op een beheersbare en uitlegbare aanpak, waarbij opvang en huisvesting aantoonbaar passen binnen de draagkracht van de dorpen. Daarbij moet vooraf duidelijk zijn dat begeleiding, capaciteit en middelen op orde zijn.
- Spreiding en schaal moeten bijdragen aan rust en overzicht en een goede balans. Nieuwe opvanglocaties of huisvestingsvormen worden alleen overwogen wanneer aan deze randvoorwaarden wordt voldaan. Inwoners en direct betrokkenen worden tijdig, open en zorgvuldig meegenomen bij plannen die hun kern of leefomgeving raken.
8.2 Regionale samenwerking en uitvoering
Als kleine gemeente kan Bergeijk deze opgave niet alleen dragen. Daarom werken we actief samen met de Kempengemeenten en andere regionale partners.
Wat gaan we doen?
- Opvang en uitvoering worden waar mogelijk regionaal afgestemd. Bergeijk neemt zijn verantwoordelijkheid , maar zet ook in op een evenwichtige verdeling van de opgave binnen de regio. Knelpunten in capaciteit, middelen of uitvoerbaarheid worden tijdig gesignaleerd richting Rijk en partners.
- We werken deze lijn uit in een uitvoeringsaanpak waarin lokale draagkracht, duidelijke randvoorwaarden en regionale samenwerking centraal staan.
8.3 Integratie en deelname
We zetten in op integratie van nieuwkomers als gezamenlijke opgave van gemeente, samenleving en nieuwkomers zelf. Doel is dat zij zo snel mogelijk zelfstandig en volwaardig kunnen meedoen in Bergeijk.
Verenigingen, scholen, vrijwilligers, maatschappelijke organisaties en werkgevers spelen hierin een belangrijke rol. Integratie vraagt niet alleen om beleid, maar ook om ontmoeting, betrokkenheid en bereidheid om naar elkaar om te zien. Zo geven we samen vorm aan een gemeenschap waarin mensen zich welkom weten en stap voor stap hun plek vinden.
Wat gaan we doen?
- We onderzoeken de mogelijkheid voor een pilot voor integratie met werkgevers maatschappelijke partners.
- We voeren een evenwichtig en zorgvuldig beleid ten aanzien van statushouders, gericht op snelle integratie in de lokale samenleving. Daarbij zetten we in op intensieve taalverwerving, toeleiding naar werk of opleiding en participatie in de samenleving vanaf het eerste moment.
- Tegelijkertijd houden we oog voor draagvlak en leefbaarheid, zorgen we voor een eerlijke verdeling van sociale huurwoningen en bevorderen we spreiding binnen de gemeente.
9. Financiën en organisatie: in evenwicht
Bergeijk heeft een goede financiële uitgangspositie. Net als bij alle andere gemeenten, komt de financiële ruimte de komende jaren meer onder druk te staan als gevolg van dalende inkomsten van het rijk, stijgende kosten in het sociaal domein en hoge ambities op het gebied van investeringen. Structureel evenwicht is het uitgangspunt voor de gehele bestuursperiode. Nieuw beleid vraagt altijd om een expliciete afweging, doorrekening en prioritering. Op financiën, maar ook uitvoerbaarheid en dienstverlening aan inwoners. Daarbij nemen we de gemeenteraad transparant mee in de keuzes. Dit vergroot de bestuurlijke stabiliteit.
9.1 Gemeentelijke financiën structureel op orde
Een solide financiële basis is een randvoorwaarde voor goed bestuur. We kiezen voor behoedzaam ramen en voor een heldere scheiding tussen incidentele en structurele middelen. Hiermee voorkomen we dat structurele lasten worden gedekt uit tijdelijk meevallende ruimte.
Wat gaan we doen?
- We houden vast aan structureel evenwicht en blijven terughoudend in het aangaan van nieuwe verplichtingen zonder dekking.
- Incidentele middelen worden niet ingezet voor structurele lasten.
- Bij grotere beleidswijzigingen worden de financiële gevolgen vooraf inzichtelijk gemaakt, daarbij worden risico’s, uitvoeringslasten en beheerlasten op langere termijn zichtbaar gemaakt.
- We beperken de lastendruk voor inwoners en ondernemers zoveel mogelijk. Belastingen passen we in principe alleen aan om prijs- en loonontwikkelingen op te vangen en voorzieningen op peil te houden.
- Een extra lastenverzwaring bovenop deze ontwikkeling voeren we alleen door als daar een duidelijke noodzaak tegenover staat of dit bijdraagt aan betere of noodzakelijke voorzieningen.
9.2 Realistisch, uitvoerbaar en dienstverlenend
De kracht van beleid zit in de uitvoering. Onze ambities zijn concreet en uitvoerbaar en in balans met ambtelijke capaciteit en financiën. We werken volgens het principe: eerst scherp formuleren, dan plannen, daarna uitvoeren. We werken lerend: ervaringen uit de praktijk worden benut om beleid en uitvoering waar nodig te verbeteren. Hiermee blijft de uitvoering in lijn met de bestuurlijke keuzes en wordt tijdig bijgestuurd waar nodig.
Wat gaan we doen?
- Goed werkgeverschap is de basis voor een goede en stabiele organisatie. We investeren in personeel en ontwikkeling en hebben oog voor werkdruk. We hebben als gemeente een voorbeeldrol in goed werkgeverschap en dragen zo bij aan een eerlijke arbeidsmarkt.
- Technologie en digitalisering bieden kansen om de dienstverlening aan inwoners te blijven verbeteren. Daarbij is het uitgangspunt menselijk in contact, professioneel in uitvoering.
- We zorgen dat inwoners eenvoudig meldingen kunnen doen en dat duidelijk is wat daarmee gebeurt. Transparantie en terugkoppeling versterken het vertrouwen en het veiligheidsgevoel.
- We staan voor één integrale bedrijfsvoering en zetten data en digitalisering in om dienstverlening extern en intern te verbeteren en maatschappelijke opgaven te realiseren vanuit heldere en efficiënte processen.
- Waar dossiers meerdere domeinen raken, wordt integraal gewerkt in plaats van sectoraal.
9.3 Veiligheid en weerbaarheid
Landelijk en regionaal groeit het besef dat onze samenleving kwetsbaar is voor verstoringen en dat veiligheid niet langer vanzelfsprekend is. Digitale dreigingen en desinformatie laten zien dat veiligheid steeds vaker minder zichtbaar, maar wel nadrukkelijk aanwezig is. Dit vraagt om een andere benadering van veiligheid: als samenleving voorbereid zijn, signalen herkennen en naar elkaar omkijken. Dat geldt ook voor Bergeijk. Dit kunnen we als gemeente niet alleen, de kracht van Bergeijk zit in de gemeenschap zelf. We zetten in op het versterken van zowel de fysieke veiligheid als de sociale en maatschappelijke weerbaarheid in onze dorpen en het buitengebied. Samen met inwoners, ondernemers, verenigingen, onderwijs, zorgpartners en politie werken we aan het vroeg signaleren van problemen, het vergroten van betrokkenheid en het versterken van het veiligheidsgevoel.
Wat gaan we doen?
- We ontwikkelen een uitvoerings- en handhavingsstrategie en bepalen samen met de gemeenteraad de prioriteiten.
- Voor de lokale aanpak van ondermijning blijven we regionaal samenwerken met politie, Openbaar Ministerie en het RIEC, met aandacht voor het versterken van de bewustwording bij inwoners en ondernemers.
- In regionale samenwerkingen blijven we aandacht vragen voor de aanrijtijden van ambulances en een voorzienende post in Bergeijk.
- Informatieveiligheid en digitale weerbaarheid blijven belangrijk thema’s voor de hele gemeente en de organisatie.
10. De bestuurlijke basis: realistisch en samen
Bergeijk staat voor opgaven die vragen om een betrouwbaar, herkenbaar en slagvaardig bestuur. Vertrouwen blijft daarbij de basis: vertrouwen tussen bestuur en organisatie, tussen coalitie en raad, en vooral richting inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners. Met dit coalitieakkoord kiezen we voor een bestuursstijl die realistisch en uitvoerbaar is. Geen plannen die alleen op papier goed ogen maar voor keuzes die in de praktijk haalbaar, uitlegbaar en financieel houdbaar zijn. Daarbij zijn we eerlijk over wat we zelf kunnen beïnvloeden en waar we afhankelijk zijn van regio, provincie en Rijk. Juist door die kunnen we verwachtingen beter managen en betrouwbaar besturen.
10.1 Realistisch, lokaal en uitvoerbaar
We werken vanuit de kracht van onze gemeenschappen en blijven dichtbij de praktijk van inwoners en ondernemers. We richten ons op onderwerpen waar we als gemeente daadwerkelijk over gaan en waarin we zichtbaar het verschil kunnen maken voor inwoners. We kiezen voor kwaliteit boven snelheid: zorgvuldig waar nodig, maar besluitvaardig waar dat kan. Tegelijk streven we naar eenvoud in beleid en uitvoering met minder regels en meer duidelijkheid voor inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Zo ontstaat ruimte voor een overheid die niet onnodig ingewikkeld is, maar herkenbaar en behulpzaam werkt.
10.2 Bestuursstijl en samenwerking
We werken minder vanuit afzonderlijke beleidsvelden en meer vanuit samenhang. Opgaven rond wonen, voorzieningen, zorg, economie, bereikbaarheid en leefomgeving hangen in de praktijk nauw met elkaar samen en worden daarom integraal afgewogen. Participatie is een vast onderdeel van het proces, geen sluitstuk. We betrekken stakeholders vroegtijdig bij plannen en keuzes die hen raken. Per onderwerp maken we duidelijk welke ruimte er is voor invloed en hoe hun inbreng wordt meegewogen. Zo zetten we participatie doelgericht, gestructureerd en passend in, met heldere verwachtingen en betekenisvolle betrokkenheid.
10.3 Samenwerking in de regio
Bergeijk staat niet op zichzelf. Veel opgaven spelen in regionaal verband, onder andere binnen de Kempen en de Metropoolregio Eindhoven. Goede samenwerking met regiogemeenten en provincie is van groot belang om gezamenlijke doelen en ambities te bereiken. Dit vraagt om een actieve en duidelijke positionering. We werken samen waar dat nodig is, maar houden daarbij steeds oog voor de eigen schaal, identiteit en belangen. In samenwerking met de buurgemeenten versterken we onze inbreng en invloed in de regio. Dit doen we met aandacht voor democratische legitimiteit, voorkomen van bestuurlijke vergaderdruk en efficiënte inzet van capaciteit. Bij grotere maatschappelijke onderwerpen zoeken we naar brede betrokkenheid binnen de gemeenteraad en de samenleving.
10.4 Bestuurlijke prioritering en werkwijze
We werken met focus en duidelijke keuzes. Niet alles kan tegelijk en niet iedere wens kan direct worden omgezet in beleid of uitvoering. Daarom stellen we jaarlijks een aantal bestuurlijke prioriteiten vast. Nieuwe ambities worden alleen toegevoegd als capaciteit, planning en financiering helder zijn. Per groot dossier volgt een concrete uitwerking, zoals een uitvoeringsagenda of gebiedsvisie. Dit zorgt voor richting, voorkomt overbelasting van de organisatie en maakt sturen op resultaat mogelijk.
10.6 Financiële paragraaf
De ambities uit dit coalitieakkoord worden in de komende periode financieel verder uitgewerkt en vertaald naar de begroting en de meerjarenraming. De benodigde middelen worden per maatregel nader onderbouwd in de begroting. Hier vindt ook de integrale afweging plaats. Nieuwe beleidsvoornemens worden voorzien van een passende financiële dekking. Hiermee ontstaat een zorgvuldig en realistisch financieel kader voor de uitvoering van de plannen. De uitvoering van de ambities vindt plaats op basis van duidelijke prioritering. De coalitie onderkent dat niet alle ambities gelijktijdig gerealiseerd kunnen worden, de plannen worden gefaseerd uitgevoerd. Op deze wijze blijft de uitvoering beheersbaar en financieel verantwoord. Wanneer de uitvoering van de ambities leidt tot aanvullende personele inzet, is de coalitie bereid hierin te investeren, mits deze inzet noodzakelijk, doelmatig en financieel verantwoord is. Daarbij staat een effectieve uitvoering van beleid centraal, met oog voor kwaliteit en continuïteit van dienstverlening.
10.7 College en portefeuilles
De inrichting van het college wordt afgestemd op de bestuurlijke opgave. Daarbij wordt naast politieke verhoudingen, ook naar bestuurlijke logica, continuïteit en uitvoerbaarheid gekeken. De portefeuilleverdeling is overzichtelijk en sluit aan bij de belangrijkste dossiers en regionale overleggen. Bestuurskracht weegt daarbij zwaarder dan symbolische keuzes.